Analyse: 20 jaar na het Central Bank Gold Agreement

De afgelopen twintig jaar is de goudmarkt drastisch veranderd. Centrale banken werden netto kopers van goud, terwijl beleggers en financiële instellingen nieuwe instrumenten kregen om te beleggen in edelmetalen. Niet alleen kregen beleggers toegang tot ETF's, ook werd het steeds makkelijker om fysiek goud te kopen in de vorm van munten en goudbaren.

De afgelopen twintig jaar is de rol van goud veranderd van grondstof voor sieraden naar een volwaardig financieel instrument. Door toegenomen geopolitieke risico's en uitzonderlijk lage rente is het edelmetaal een interessant alternatief geworden binnen de beleggingsportefeuille. Het edelmetaal heeft een lage correlatie met aandelen en kent geen risico van wanbetaling. Dit verklaart de toegenomen belangstelling voor goud onder zowel beleggers als centrale banken.

Central Bank Gold Agreement

In 1999 sloten verschillende centrale banken een overeenkomst om de verkoop van goud te coördineren. Dit werd vastgelegd in het Central Bank Gold Agreement (CBGA), ook wel het Washington Agreement on Gold genoemd. Met deze overeenkomst maakten centrale banken een einde aan de praktijk van het uitlenen (leasen) van goud. Ook verklaarden ze dat het edelmetaal een belangrijke rol speelt als monetaire reserve.

Deze overeenkomst met een looptijd van vijf jaar werd nog drie keer verlengd, namelijk in 2004, 2009 en in 2014. Eerder dit jaar besloten deelnemende centrale banken deze overeenkomst niet meer te verlengen, om de simpele reden dat er geen noodzaak meer voor was. Geen van de deelnemende centrale banken heeft nu nog plannen om goud te verkopen.

De ECB publiceerde onlangs een interessant artikel over het beheer van de valuta- en goudreserves van centrale banken. Daarin werd ook uitgebreid stilgestaan bij de ontwikkelingen op de goudmarkt in de afgelopen twintig jaar en het Central Bank Gold Agreement. Deze passage hebben we voor u vertaald.

De goudmarkt gedurende het Central Bank Gold Agreement

Opgesteld door Ludovit Kutnik en Etienne Port / Vertaling door Frank Knopers

Het laatste Central Bank Gold Agreement (CBGA) verliep in september 2019 na een periode van twintig jaar. Tot de ondertekenaars van deze overeenkomst behoorden het Eurosysteem en de centrale banken van Zweden, Zwitserland en - aanvankelijk - het Verenigd Koninkrijk. Het eerste CBGA werd in 1999 opgericht voor een periode van vijf jaar, toen bezorgdheid over negatieve marktimpact van ongecoördineerde goudverkopen door centrale banken duidelijk was en toenam op de goudmarkt.

Het doel van de CBGA's was om de goudmarkt te helpen stabiliseren, door zorgen weg te nemen, de neerwaartse druk op de goudprijs te verlichten en bij te dragen aan meer evenwichtige vraag- en aanbodomstandigheden middels een coördinatie van de goudverkoop van centrale banken. Deze overeenkomst werd drie keer verlengd, telkens voor een periode van vijf jaar.

De voorwaarden van de laatste twee CBGA's werden steeds minder streng, als gevolg van de verbeterende omstandigheden op de goudmarkt. Deze wijziging van de voorwaarden nam hoofdzakelijk de vorm aan van een aanpassing van verkoopquota en een versoepeling van de beperkingen op het gebruik van derivaten (zie Grafiek A).

Over de volledige CBGA-periode sinds 1999 is de goudprijs ongeveer vijfvoudig gestegen. De marktimpact op goudprijs van de CBGA-aankondigingen, inclusief die op het einde van de laatste CBGA, was te verwaarlozen. De uitzondering hierop was de eerste CBGA-aankondiging, omdat dit nieuw was en als een verrassing kwam voor de goudmarkt.

Grafiek A: Goudverkopen door CBGA-ondertekenaars en goudprijsontwikkelingen (Bronnen: IMF, Europese Centrale Bank, Bloomberg)

Opmerking: de verticale lijnen vertegenwoordigen de vervaldatums van de opeenvolgende CBGA's.

Evolutie goudmarkt sinds 1999

Sinds 1999 is de goudmarkt gegroeid en volwassen geworden in termen van liquiditeit en beleggersbasis. De structuur van de goudmarkt verschilt van die van andere financiële activa, aangezien goud niet alleen beleggingsdoeleinden dient, maar ook praktisch wordt gebruikt. Ten tijde van de eerste CBGA was de diversiteit van de vraag naar fysiek goud laag en geconcentreerd in sieraden, terwijl de bijdrage aan de vraag van de officiële sector negatief was.

Na verloop van tijd vergemakkelijkten financiële  innovaties het gebruik van goud als een financieel instrument, dankzij de ontwikkeling van op de beurs verhandelde producten die de goudprijs volgen en ondersteund worden door fysiek goud. Deze flexibele en liquide beleggingsinstrumenten gaven beleggers en pensioenfondsen een bredere toegang tot de goudmarkt.

De diversiteit in de vraag naar goud nam het meest zichtbaar toe tijdens en na de wereldwijde financiële crisis, aanvankelijk gedreven door een toename van particuliere investeringen in beleggingsgoud en later ook door de vraag van de officiële sector.

Meer recent zijn de bronnen van vraag divers en grotendeels stabiel gebleven (zie Grafiek B). De grotere betrokkenheid van beleggers bij de goudmarkt sinds de eerste CBGA wordt weerspiegeld in de handel in goudproducten en derivaten, zowel op beurzen als op de vrij verkrijgbare markt (OTC). De marktliquiditeit en het vermogen om grote goudtransacties op te nemen, zijn continu verbeterd, waardoor de noodzaak van het CBGA is afgenomen.

Grafiek B: Structuur van de goudvraag (Bronnen: Thomson Reuters (GFMS), Europese Centrale Bank)

Centrale banken kopen goud

Centrale banken en andere officiële instellingen zijn de afgelopen tien jaar netto-kopers van goud geworden. Dit is voornamelijk het resultaat van vraag uit opkomende markten. Het keerpunt kwam rond de tijd van de wereldwijde financiële crisis. Na jaren van netto verkoop werd de bijdrage van de officiële sector aan de totale vraag naar goud positief, door een stabilisatie van de goudreserves van CBGA-ondertekenaars en nieuwe koopactiviteiten door andere centrale banken.

Verschillende factoren kunnen deze hernieuwde interesse in goud hebben ondersteund, voornamelijk uit opkomende economieën (zie Grafiek C). Ten eerste heeft goud geprofiteerd van haar status als veilige haven, met de mogelijkheid om vermogen op lange termijn te behouden zonder risico op wanbetaling.

Ten tweede biedt goud diversificatievoordelen vanuit het perspectief van portefeuillebeheer, omdat het in het algemeen een lage correlatie heeft met andere activa. Ook heeft het edelmetaal een positieve correlatie met inflatie en een negatieve correlatie met reële obligatierendementen en ontwikkelingen in de Amerikaanse dollar.

Andere ondersteunende factoren zijn het lage of negatieve renteklimaat in belangrijke reservevaluta, de hervorming van het wereldwijde geopolitieke landschap en de inspanningen van de autoriteiten in sommige landen om de nationale valuta te ondersteunen met fysieke activa.

Grafiek C: Goudbezit van geselecteerde centrale banken (Bronnen: World Gold Council, ECB)

Transparantie goudmarkt

Met betrekking tot het functioneren van de markt en het beheer van de goudmarkt werd een aantal initiatieven genomen om "een robuuste, eerlijke, effectieve en voldoende transparante markt" te bevorderen.

Eerst publiceerde de London Bullion Market Association (LBMA) een Global Precious Metals Code die werd aangenomen door de belangrijkste marktdeelnemers in edele metalen. Deze code beschrijft de best practices die worden verwacht van marktdeelnemers op de wereldwijde over the counter (OTC) handel voor edelmetalen. De ontwikkeling op dit gebied is vergelijkbaar met die van de FXGC voor de valutamarkt.

Ten tweede begon de LBMA met de publicatie van nieuwe handelsgegevens en andere statistieken over de edelmetaalmarkt. Dit met als doel de transparantie in de edelmetaalmarkt te bevorderen.

Bron: Trends in central banks’ foreign currency reserves and the case of the ECB (European Central Bank)