Hoe is geld eigenlijk ontstaan?

Door: Wouter Wilmer

Geld is een interessant fenomeen. Dat wat ooit bedacht is om ruilverkeer makkelijker te maken, is verworden tot onderwerp van een uitvoerige discussie. Deze discussie is al meermaals gevoerd, maar wie geld wil begrijpen dient ook de geschiedenis onder de loep te leggen. Waar komt geld eigenlijk vandaan? En welke vormen van geld gebruikte men vroeger eigenlijk?

Mensen hebben lang zonder geld geleefd. Geld was geen vereiste in de kleine groepjes die vroeger rondtrokken. Er werd gemaakt en gevangen wat nodig was en er werd hooguit onderling of met andere groepen mensen geruild. Maar naarmate samenlevingen groeiden en complexer werden, groeide ook de wens om dingen wat gemakkelijker te maken. Mensen begonnen de waarde van producten daarom uit te drukken in dezelfde maatstaaf; geld. 

Mensen hebben door de eeuwen heen ontzettend veel spullen als geld gebruikt. Het interessante is ook dat de perceptie van wat ‘echt’ geld inhoudt onderhevig is aan verandering. Bij de introductie van bankbiljetten waren het vooral de munten die de echte waarde vertegenwoordigden. Zo was het roodborstje, het eerste Nederlandse bankbiljet dat in 1814 door de Nederlandsche Bank werd geïntroduceerd, op het begin geen wettig betaalmiddel, maar werd het vooral gebruikt door banken onderling. Muntgeld genoot zeker in de beginperiode de voorkeur. De bevolking stond wantrouwend tegenover papiergeld, mede door het fiasco dat zich honderd jaar eerder in Frankrijk had afgespeeld met het papiergeld van John Law. Door bijna ongelimiteerde geldcreatie werd het geld daar bijna waardeloos. Vandaag de dag wordt het betalingsverkeer vooral giraal afgehandeld, maar zien de meeste mensen de bankbiljetten in hun portemonnee als het ‘echte’ geld. 

Producten die vroeger als geld functioneerden deelden vaak een aantal kenmerken. Ze waren vaak voor langere tijd op te slaan, maar ze moesten ook makkelijk overdraagbaar zijn. Goud wordt al eeuwen gezien als geschikt betaalmiddel, omdat gouden munten grote waarde op relatief eenvoudige manier kunnen overbrengen. Soms had het geld ook een praktische, symbolische of spirituele waarde waardoor het algemeen aanvaard werd. Walvistanden zijn hier een voorbeeld van, maar ook tabak en zout hebben een monetaire rol vervuld.

Kaurischelpen

Een geldstelsel dat lang heeft gefunctioneerd is een stelsel gebaseerd op kaurischelpen. Deze schelpen werden duizenden jaren geleden al verzameld op de stranden van de Malediven, Sri Lanka en Indonesië. Ze vormden de oudste en de langst functionerende standaard tot dusver bekend. Tot aan het begin van de twintigste eeuw werden Kaurischelpen in Oeganda nog geaccepteerd om belastingen mee te betalen. Zelfs nadat muntgeld het betalingsverkeer langzaam over had genomen bleven kaurischelpen nog dienstig voor kleine betalingen. In The History of Money beschrijft Glyn Davies hoe de oud-president van de Nigeriaanse centrale bank, Green Nwankwo, als kleine jongen de straat op werd gestuurd om kaurischelpen te zoeken die waren verloren door anderen. Met acht kaurischelpen konden mensen toen namelijk nog een maaltijd kopen.

 Een kleine selectie kaurischelpen (source; historiek.net)

Yapstenen

Naast kaurischelpen vormen ook de Raistenen een bewonderingswaardig verhaal. Deze stenen vervulden eeuwen de rol van geld op het eiland Yap, dat in de Stille Oceaan ligt. De stenen werden van de naburige eilanden Palau en Guam naar Yap vervoerd. Dit was een tijdrovende en intensieve klus, aangezien de eilanden honderden kilometers van Yap verwijderd lagen. De noeste arbeid vereiste soms wel honderden mensen, maar daardoor bleven de stenen schaars op het eiland Yap en waren ze van grote waarde voor de bewoners. 

De kenmerkende ronde stenen werden niet alleen gebruikt ter decoratie, maar gingen ook de rol van geld vervullen. De kleine stenen waren geschikt voor kleine transacties, voor grotere transacties werden grote stenen gebruikt die vaak niet eens van plaats hoefden te wisselen. Er werd simpelweg in de lokale gemeenschap besloten dat de steen van eigenaar was gewisseld. Omdat de stenen alleen door de lokale bevolking werden gebruikt, functioneerden ze lange tijd als geld. 

De stenen verloren pas hun waarde toen westerlingen het vervoer van de stenen naar het eiland Yap vergemakkelijkten. Zo was er een Iers-Amerikaanse handelaar die graag kokosnoten wilde hebben van de eilandbewoners. Hij moest echter met Yapstenen betalen, want dat was het enige geld dat de Yapbewoners accepteerden. Na de komst van de westerlingen werd nog getracht stenen te verbieden die te makkelijk waren aangevoerd. Toch vonden de stenen van de westerlingen hun weg naar het eiland. De hoeveelheid stenen nam toe, waardoor de waarde afnam. De ondergang van de Yapstenen wordt ook mooi beschreven in het boek The Bitcoin Standard. Vandaag de dag wordt er met Amerikaanse dollars betaald op Yap.

Het stelsel van Yap doet denken aan bitcoin. Net als bij de Rai-stenen, draait ook bitcoin op consensus. Waar de inwoners van elkaar wisten wie welke steen in bezit had, wordt dit bij bitcoins ook geregistreerd. De consensus van Yap ging zelfs zo ver dat er zelfs een inwoner in het bezit was van een steen die op de bodem van de oceaan lag. Deze steen was door een storm overboord geslagen, maar was alsnog waardevol, want iedereen wist dat de steen bestond.

Een groter exemplaar van een Raisteen (source; indeflatie.nl)

Muntgeld

Het is niet met zekerheid te zeggen waar de eerste munten in gebruik werden genomen. Er zijn leerboeken die ervan uitgaan dat het eerste muntgeld in Lydië, in het huidige Turkije, werd geslagen. De eerste munten werden daar geslagen uit elektrum, een soort mix van goud en zilver. Later werden manieren gevonden om goud en zilver van elkaar te scheiden. De munten waren op het begin nog zeer onregelmatig. Later werden ze gestandaardiseerd en waren ze zelfs voorzien van een stempel dat de echtheid bevestigde. Hoewel het niet zeker is of dit ook echt de eerste munten waren die mensen hebben gebruikt, hebben deze munten wel de toon gezet. De methode die de Lydiërs hanteerden werd al snel overgenomen door de Grieken.

De munten hadden nog geen getallen die de waarde vertegenwoordigden. Dat is pas later op munten verschenen, toen geld meer een boekhoudkundig systeem werd en er ook bankbiljetten verschenen. In de tijd van het oude Lydië was geld nog een ruilmechanisme en ontleenden munten hun waarde aan het gewicht van het edelmetaal dat in de munten zat. Het verschilde dus van geld zoals we dat nu kennen. 

 

Munt die is geslagen in Lydië (source; bankblog)

China

Het zou ook zo kunnen zijn dat muntgeld als eerst bij de Chinezen in zwang raakte.  Aanvankelijk werden kaurischelpen nagemaakt van ijzer, omdat de kaurischelp toen bekendstond als waardevol. Zelfs messen en zwaarden vervulden in China een tijdje de rol van geld. Later werden er pas munten geslagen. Omdat het geld relatief laagwaardig was, werden grotere transacties op de oude manier voldaan, waarbij edelmetaal werd afgewogen. 

Het Chinese geld was makkelijk na te maken, waardoor valsmunterij op grote schaal voorkwam. Het is moeilijk om de Chinese munten te dateren, aangezien er niet altijd woorden of symbolen op de munten stonden. Pas vanaf 633 na Christus stond er op elke munt onder welke keizer de munt was geslagen.

Geld ontwikkelde zich dus overal op een andere manier. Sommige volken bleven nog lange tijd vasthouden aan de schelpeneconomie, terwijl muntgeld op andere plekken eerder opgang deed. En waar het Chinese geld nog lange tijd onveranderd bleef, was geld op het Europese continent veel veranderlijker. Dit zal ook blijken in latere delen van deze reeks.