Inflatie Eurozone stijgt naar recordhoogte, wat betekent dit voor goud?

De inflatie in de eurozone steeg in november naar 4,9%, het hoogste inflatiecijfer sinds de introductie van de muntunie in 1999. Deze uitzonderlijk hoge inflatie is het gevolg van een combinatie van factoren, zoals stijgende energieprijzen, hogere transportkosten en diverse btw-verhogingen. Vooral de snelheid waarmee de inflatie toeneemt is zorgwekkend.

Een jaar geleden was er in de muntunie volgens officiële cijfers nog sprake van deflatie. De prijzen lagen toen zelfs 0,3% lager dan een jaar eerder. In relatief korte tijd is de inflatie dus explosief toegenomen, tot ver boven de doelstelling van centrale banken. In verschillende Europese landen is de inflatie veel hoger dan het gemiddelde van 4,9%. Zo stegen de prijzen in Nederland in november op jaarbasis met 5,6%, terwijl die in Duitsland en België respectievelijk 6% en 7,1% hoger waren dan een jaar eerder.

Inflatie in de Eurozone naar hoogste niveau ooit (Bron: Eurostat)

Inflatie naar recordhoogte

Bovenstaande grafiek laat zien dat de inflatie in de eurozone en in Nederland tijdens de coronacrisis eerst nog daalde, maar daarna snel begon te stijgen. Door de coronapandemie en lockdowns werden logistieke ketens ontregeld en veranderde het consumptiegedrag van huishoudens. Daarnaast kwamen er in veel ontwikkelde economieën grootschalige fiscale steunprogramma's, waardoor er meer geld tegenover hetzelfde aanbod van goederen kwam te staan.

Hieronder ziet u de ontwikkeling van de inflatie in verschillende Europese landen over een langere termijn, namelijk sinds 1997. Uit deze grafiek blijkt dat de inflatie wel vaker hoog was, zoals in 2001 en in 2008. Toch was het gemiddelde in de eurozone nog nooit eerder zo hoog als nu. Maar wat betekent dit precies voor uw koopkracht? En wat betekent dat voor de goudprijs? In dit artikel behandelen we vijf vragen over de inflatie.

Ook in andere landen loopt de inflatie snel op (Bron: Eurostat)

1. Waarom loopt de inflatie opeens op?

Het inflatiecijfer wordt gemeten aan de hand van een mandje van goederen en diensten. Het is een ietwat arbitraire manier van inflatie meten, omdat het bestedingspatroon van ieder huishouden weer anders is. Bepaalde goederen worden steeds duurder, terwijl andere producten zoals elektronica juist goedkoper worden. Gaat u daarentegen vaak uit eten, dan zult u merken dat de prijzen snel stijgen.

Zoals gezegd heeft de coronapandemie in combinatie met lockdowns een ingrijpend effect gehad op de wereldeconomie. Mensen konden in deze periode minder geld uitgeven aan diensten, waardoor ze meer geld overhielden om spullen te kopen. Een enorme vraag naar goederen zorgde voor problemen in logistieke ketens, want er bleken niet genoeg containers te zijn om alle spullen van China naar Europa en de Verenigde Staten te krijgen. Ook komen lege containers niet op tijd terug, met als gevolg lange wachtrijen voor containerschepen.

Deze problematiek werd nog eens verergerd door ingrijpen van overheden. Door grote fiscale steunmaatregelen kregen veel mensen opeens extra geld op hun bankrekening gestort. Dat gaf een extra impuls aan de consumptie. Het zorgde voor economische groei, maar ook voor hogere prijzen. Deze prijsstijging wordt versterkt door hogere energieprijzen, want de kosten van energie werken indirect door in de kostprijs van veel producten. Zo waren de energieprijzen in de Eurozone in november al 27% hoger dan een jaar geleden.

2. Is de hoge inflatie tijdelijk of niet?

Centrale banken hebben van begin af aan beweerd dat de hoge inflatie tijdelijk zou zijn. Ze dachten dat de logistieke ketens na een paar maanden weer zouden normaliseren en dat daarmee ook het hamstergedrag van consumenten en bedrijven zou afnemen. Dat standpunt lijkt steeds moeilijker te verdedigen, want de logistieke problemen zijn nog lang niet verholpen. Integendeel, de prijzen van containervervoer over zee zijn nog steeds uitzonderlijk hoog, evenals de energieprijzen.

Het ziet er niet naar uit dat deze problematiek binnen een paar maanden verholpen is. En zelfs als dat het geval is liggen er meer prijsverhogingen in het verschiet. Neem bijvoorbeeld de producentenprijzen, die in landen als Duitsland en Italië momenteel ongeveer 20% hoger liggen dan een jaar geleden. Ook is er in veel landen weer krapte op de arbeidsmarkt, waardoor lonen zullen stijgen. Al deze prijsstijgingen zullen zich in 2022 vertalen naar hogere prijzen voor goederen en diensten.

De Amerikaanse centrale bank maakte deze week voor het eerst een draai in haar standpunt ten aanzien van inflatie. Fed-voorzitter Powell zei dat het woord 'tijdelijk' niet meer past bij de huidige situatie. Het woord zou voor verschillende mensen een verschillende betekenis hebben. Wel herhaalde hij dat de factoren die momenteel voor hoge inflatie zorgen niet permanent zijn. De ECB heeft nog geen draai gemaakt, maar staat onder toenemende druk om het monetaire beleid aan te passen. We kijken dan ook uit naar de eerstvolgende bijeenkomst van de ECB op 16 december.

3. De ECB drukt toch geld bij?

De hoge inflatie van de laatste maanden wordt regelmatig in verband gebracht met het monetaire beleid van centrale banken. Die zouden zoveel geld bijdrukken dat het wel tot inflatie moest leiden. Dat ligt toch wat genuanceerder. Het is waar dat centrale banken nog steeds obligaties opkopen en dat hun balans steeds verder groeit, maar dat is wat anders dan geld drukken.

Centrale banken halen onder kwantitatieve verruiming obligaties uit de markt, maar geven daar geen geld voor terug. Banken krijgen meer vorderingen op de centrale bank in de vorm van reserves. Deze reserves kunnen ze echter niet gebruiken om leningen te verstrekken. Ook kunnen ze deze reserves niet verdelen onder het personeel en aandeelhouders. Het opkoopprogramma van centrale banken brengt dus niet meer geld in de economie, in tegenstelling tot wat veel mensen denken.

Indirect heeft het monetaire beleid van centrale banken mogelijk wél invloed op de inflatie. Door de extreem lage rente en het opkoopprogramma kunnen mensen denken dat de rente langdurig laag zal blijven, waardoor ze minder sparen en meer consumeren. Dat heeft wel een prijsopdrijvend effect. Ook kunnen centrale banken op termijn hun geloofwaardigheid verliezen, waardoor mensen minder vertrouwen krijgen in de waarde van het geld. Wanneer meer spaargeld gaat bieden op goederen en diensten zullen de prijzen daarvan stijgen.

Sinds het begin van de coronapandemie is de M2-geldhoeveelheid in zowel de VS als de EU flink gestegen. Dat komt niet door opkoopprogramma's van centrale banken, maar vooral door de enorme fiscale steunmaatregelen. In de VS steeg de geldhoeveelheid extra hard, omdat de Amerikaanse overheid een deel van het steunpakket bekostigde vanuit haar rekening bij de Federal Reserve.

4. Wat is het effect op de goudprijs?

Er is de afgelopen decennia veel onderzoek gedaan naar de relatie tussen de goudprijs en inflatie. Daaruit blijkt dat er op korte termijn geen duidelijk verband zit tussen de officiële inflatiecijfers en de goudprijs. En dat is ook wel logisch, omdat inflatiecijfers per land verschillend zijn en bovendien beïnvloed worden door zaken als btw-verhogingen. Dat terwijl de goudprijs wereldwijd is en onderhevig is aan externe factoren zoals geopolitieke spanningen en onrust op de financiële markten.

Kijken we naar de langere termijn, dan zien we dat goud wel degelijk bescherming biedt tegen geldontwaarding. De goudprijs is op dagelijkse basis volatiel, maar over de afgelopen decennia is de goudprijs per saldo flink gestegen. Sinds 1971 zelfs met gemiddeld 8% op jaarbasis, wat betekent dat het edelmetaal op lange termijn uw koopkracht beschermt tegen inflatie. En op lange termijn doet het edelmetaal dat veel beter dan de spaarrekening, want de spaarrente was gemiddeld veel lager dan 8%.

Momenteel ziet het vooruitzicht voor spaarders er helemaal somber uit. De inflatie is hoog, maar de spaarrente staat op 0%. De reële rente - dat is de rente minus de inflatie - is dus al een aantal jaar negatief. En dat zijn zeer gunstige omstandigheden voor goud. Onderstaande grafiek laat zien dat de goudprijs bij hoge reële rente daalde en bij negatieve reële rente steeg. Inmiddels is de reële rente in de VS ongeveer -6%, zoals we eerder al schreven in dit artikel. Dat zijn percentages die we sinds eind jaren '70 niet meer hebben gezien. En zoals u weet schoot de goudprijs in die jaren omhoog.

Goud presteert goed bij negatieve reële rente (Bron: World Gold Council)

5. Wat betekent dit voor mijn koopkracht?

Een bekend gezegde in de financiële wereld luidt: 'Cash is King'. Wanneer een financiële crisis uitbreekt en de koersen van de meeste beleggingscategorieën dalen, dan kunt u met cash profiteren van alle koopkansen in de markt. Maar door de extreem lage rente in combinatie met de hoge inflatie betaalt u nu een relatief hoge prijs om in cash te blijven zitten. De spaarrekening levert 0% rente op, terwijl de waarderingen van bijvoorbeeld vastgoed en aandelen door het dak gaan. U loopt dus veel rendement mis door in cash te blijven zitten.

Moet u als spaarder dan maar meedoen in deze gekte? Dat hangt natuurlijk volledig af van uw persoonlijke situatie. Maar zo lang de inflatie hoog blijft en de rente laag levert sparen niets op. Sterker nog, de koopkracht van uw spaargeld verdampt. Daarom blijft het belangrijk een goede spreiding aan te brengen in uw portefeuille.

En ook al kan de goudprijs op korte termijn behoorlijk fluctueren, op lange termijn heeft het edelmetaal bewezen haar koopkracht te behouden. Bovendien heeft goud weinig correlatie met andere beleggingen, waardoor het edelmetaal het neerwaarts risico van een goed gespreide beleggingsportefeuille kan verlagen.

Disclaimer: Goudstandaard geeft geen beleggingsadvies en dit artikel moet dan ook niet als zodanig worden beschouwd. Resultaten uit het verleden bieden geen garanties voor de toekomst.

Deze bijdrage is afkomstig van Geotrendlines